Brevetdoelstelling van de
1* duikopleiding

Na het volgen van deze duikopleiding ben je bevoegd om met een minimaal gelijkwaardig gebrevetteerde duiker zelfstandig in Nederland en buitenland te duiken onder de omstandigheden, zoals je die tijdens je opleiding ervaren en geleerd hebt. Omstandigheden die hier van afwijken, vereisen extra training onder begeleiding van een gekwalificeerde instructeur.
Praktisch gezien betekent dit:
Dat we de cursist voorbereiden op het duiken tot 10 meter diepte in niet-stromend water met een zicht van minimaal 1 meter, dit alles gebeurt onder begeleiding van een instructeur. Na het behalen van het brevet mag er gedoken worden met een andere 1* duiker of hoger gebrevetteerde naar grotere diepten. Extra training en begeleiding door een instructeur wordt hiervoor door ons aanbevolen.
Theoriemodulen (6 theorie avonden)
1. Kennismaking met de duikmaterialen
2. De voorbereiding van een duik
3. De veiligheidsaspecten voor, tijdens en na de duik
4. Onderwater communicatie en oriëntatie
5. De duikmogelijkheden in binnen- en buitenland
Praktijkmodulen
|
Oefeningen in het zwembad (6 lessen): |
|
| 1. |
Eenvoudige snorkeltechniek |
| 2. |
Montage en demontage van de persluchtapparatuur |
| 3. | Veiligheid, kennis van de buddycheck en van de handsignalen |
| 4. | Duiktechnieken, zoals het watervrij maken van de duikbril, zwemmen met persluchtapparatuur, bereiken van een basistrim, afdaaltechnieken en het maken van een gecontroleerde opstijging. |
| 5. | Vormen van zelfhulp, waaronder het terugvinden van de ademautomaat en assistentie bij kramp. |
| 6. | Buddytechniek, zoals het onder water elkaar lucht geven of het uitvoeren van een reddingsopstijging |
| 7. | Wijzen van te water gaan, zoals schredensprong en rol achterover. |
|
|
|
|
Oefeningen in het buitenwater (5 duiken) |
|
| 1. |
Materiaalcontrole en uitvoeren van de noodprocedure |
| 2. |
50 meter zwemmen zonder basisuitrusting en 5 min overlevingszwemmen |
| 3. |
Kompaszwemmen, richting peilen en een retourkoers onder water zwemmen. |
| 4. |
Uitvoeren van een gecontroleerde opstijging |
| 5. |
Zelfhulp en assistentie bij kramp |
| 6. |
Luchtdelen via buddybreathing en een alternatieve luchtvoorziening (octopus) |
| 7. |
Uitvoeren van een reddingsopstijging. |